<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Globaliteit.nl</title>
	<atom:link href="http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.globaliteit.nl</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Thu, 06 Dec 2012 14:50:38 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.2</generator>
		<item>
		<title>&quot;Empirisch bewijs&quot; en de Eurocrisis</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1570</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1570#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 01 Sep 2012 15:50:54 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Economie]]></category>
		<category><![CDATA[euro]]></category>
		<category><![CDATA[eurocrisis]]></category>
		<category><![CDATA[ING]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1570</guid>
		<description><![CDATA[Ik las recent het artikel &#8220;Het empirisch bewijs voor het ontstaan van de eurocrisis&#8221; op RTLZ.nl, waarin Dhr. Van Nieuwenhuijzen (Head of Strategy bij ING Investment Management) een oppervlakkige analyse presenteert waarin hij de overheid gedeeltelijk vrijwaart van blaam voor de huidige schuldencrisis en hij pleit voor overheidsstimulering met geleend geld om de economische groei [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Ik las recent het artikel &#8220;<a href="http://www.rtl.nl/components/financien/rtlz/redactie/column/vannieuwenhuijzen/2012/articles/het-empirisch-bewijs-voor-het-ontstaan-van-de-eurocrisis.xml" target="_blank">Het empirisch bewijs voor het ontstaan van de eurocrisis</a>&#8221; op RTLZ.nl, waarin Dhr. Van Nieuwenhuijzen (Head of Strategy bij ING Investment Management) een oppervlakkige analyse presenteert waarin hij de overheid gedeeltelijk vrijwaart van blaam voor de huidige schuldencrisis en hij pleit voor overheidsstimulering met geleend geld om de economische groei te laten heropleven.<span id="more-1570"></span></p>
<p>De fout die Van Nieuwenhuijzen maakt is typerend. &#8220;Empirische feiten&#8221; bestaan niet in de mensenwetenschappen. Daar we complexe fenomenen proberen te bevatten is het onmogelijk om &#8220;de feiten te laten spreken.&#8221; Met dergelijke fenomenen is het altijd de logische redenering die voorafgaat aan de empirische observatie.</p>
<p>In dit proces gaat Van Nieuwenhuizen onmiddelijk al in de mist. Hij gebruikt als &#8220;empirisch feit&#8221;—waarmee hij impliceert dat deze niet anders te interpreteren valt—dat de staatsschuld van Europese landen als percentage van het bbp voor 2008 niet steeg, maar daalde.</p>
<p>Zo schrijft hijzelf: &#8220;De bewering dat de oorzaak van de systeemcrisis in de eurozone gelegen is in onverantwoord beheer van de overheidsfinanciën lijkt daarom moeilijk te verenigen met de empirische bewijzen. Het uitbreken van de eurosysteemcrisis is niet zozeer te wijten aan het begrotingsbeleid van vóór 2008, maar veel eerder aan een combinatie van de schok die ontstond als gevolg van de grote financiële crisis van 2008, de mondiale recessie die daaruit voortvloeide en de onevenwichtige structuur van de economie in de eurozone.&#8221;</p>
<p>Als onze analyse hier ophoudt, lijkt hij inderdaad gelijk te hebben. Zo scheen Spanje op het eerste gezicht de beste leerling uit de klas te zijn door zelfs in sommige jaargangen een surplus op de overheidsbegroting over te houden. Maar hier dient de analyse van zowel economen als beleggers niet te eindigen.</p>
<p>Wat er in werkelijkheid gebeurde valt te verklaren. In de jaren voor 2008 ondernam de Europese centrale bank een enorme kredietexpansie. Deze leidde ertoe dat er meer geld geïnvesteerd werd in bedrijfsprojecten dan er daadwerkelijk aan opgespaarde middelen beschikbaar was om deze investeringen tot een succesvol einde te brengen. Zolang de kredietexpansie versnelt worden de gevolgen van deze expansie niet direct zichtbaar, ook al is de uitkomst onvermijdbaar.</p>
<p>Van de kant van de overheidsfinanciën leidde deze kredietexpansie tot een stijging van tien tot twintig procent per jaar van de overheidsopbrengsten. Men had echter geen flauw benul waarom de belastingopbrengsten met dubbele cijfers konden stijgen, terwijl de groei van het BBP slechts een fractie hiervan bedroeg. </p>
<p>Dit is vergelijkbaar met een salarisstijging van 10% per jaar die na vijf jaar onrechtmatig bleek te zijn geweest, bijvoorbeeld door een administratieve fout van de werkgever. Ineens blijkt uw jaarloon geen 100,000 EUR te zijn maar eerder in de nabijheid van 50,000 EUR te liggen. Deze &#8220;fout&#8221; wordt op overheidsniveau onder meer veroorzaakt door het voorschieten van de BTW door bedrijven aan de overheid en de belasting op boekhoudkundige winsten van, gegeven de middelen, onrealiseerbare projecten die gedoemd zijn om voortijdig beëindigd te worden door middel van een faillissement. Aan de andere kant wordt deze bedrijfsactiviteit niet weerspiegeld in het BBP. Het BBP meet intermediaire goederen namelijk niet. En laat daar nou net de grootste stijging in bedrijfsactiviteit te zijn gedurende een kredietexpansie.</p>
<p>Ook hier zijn &#8220;empirische&#8221; feiten over te vinden. Helaas gebruikt Van Nieuwenhuijzen deze niet en is zijn conclusie dus misplaatst. Overheden zoals de Spaanse hadden geen enkel idee waarom de overheidsopbrengsten elk jaar 10% of meer stegen, terwijl de BBP-groei maar enkele procenten bedroeg. Ze waren niettemin gretig om dit feit te verzwijgen en ongestoord elk jaar de overheidsuitgaven te vergroten.</p>
<p>Op deze manier konden politici alle politieke belangen tevredenstellen door meer uit te geven, was er geen prudent beheer van de gelden noodzakelijk, en kon men tegelijkertijd ogenschijnlijk waterdichte begrotingen aan het publiek voorleggen. Waarom dit precies kon vroeg niemand zich af. Politici hebben het immers maar gedurende een termijn van pakweg vier jaar het voor het zeggen. Zij kozen ervoor om in deze euforische tijden te zwijgen en het &#8220;feestje&#8221; van kredietexpansie niet te verpesten. Het is tekenend dat de Spaanse overheid zelfs met het idee kwam om alle grote steden in Spanje te verbinden met een hogesnelheidstrein, inclusief de steden op de Canarische Eilanden en de Balearen (!).</p>
<p>Het ironische is dat gedurende een crisis de overheidsinkomsten ook weer met dubbele cijfers dalen. Ook dit begrijpt men niet; het BBP daalt immers maar enkele procenten. In 2011 steeg het Spaanse BBP zelfs licht, terwijl de overheidsinkomsten uit cyclische belastingbronnen soms wel met 15% kelderden. Kortom, de overheid handelt als een piloot met een defecte hoogtemeter.</p>
<p>Wanneer uw inkomen elk jaar met dubbele cijfers stijgt, zonder dat u precies weet waarom, zonder enige promotie of verdere mededeling van uw werkgever, en u desondanks het bijkomende inkomen onbeschaamd consumeert, dan kunnen we moeilijk stellen dat u prudent gehandeld heeft. Sterker nog, ik zou stellen dat u onverantwoord uw gelden heeft beheerd, net zoals vele Europese landen onverantwoord omgegaan zijn met de toename in overheidsopbrengsten waarvan ze niet eens wisten wat hen teweegbracht. Als Dhr. Van Nieuwenhuijzen dit wel prudent vindt, kan ik me goed voorstellen waarom ING gedurende de crisis financiële overheidssteun nodig had.</p>
<p>In de economie kunnen we nooit &#8220;de feiten laten spreken.&#8221; Feiten in de sociale wetenschappen zijn geen feiten als in de natuurwetenschappen. Feiten in de sociale wetenschappen worden geïnterpreteerd, niet geobserveerd. De pretentie van het omgekeerde is misplaatst, zeker waar deze gebruikt wordt voor de rechtvaardiging van een bedenkelijke conclusie.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1570</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Trends, beleggen, en persoonlijke ontwikkeling: de wet van exponentiele groei</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1243</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1243#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 06 Jul 2012 14:04:59 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Beleggen]]></category>
		<category><![CDATA[boeken]]></category>
		<category><![CDATA[communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[constantheid]]></category>
		<category><![CDATA[exponentiële groei]]></category>
		<category><![CDATA[literatuur]]></category>
		<category><![CDATA[persoonlijk succes]]></category>
		<category><![CDATA[persoonlijke ontwikkeling]]></category>
		<category><![CDATA[plots]]></category>
		<category><![CDATA[succes]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1243</guid>
		<description><![CDATA[Als je een groot vel papier ongeveer 50 keer vouwt, hoe hoog reikt dan de stapel papier? Sommige personen zouden een halve meter zeggen, anderen zijn ietwat moediger en antwoorden zo hoog als het plafond. Maar deze antwoorden zijn fout. Het is ruwweg de afstand tussen de aarde en de zon. Het punt wat ik [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-full wp-image-1550" title="" src="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/exponential-growth1.jpg" alt="" width="240" height="180" />Als je een groot vel papier ongeveer 50 keer vouwt, hoe hoog reikt dan de stapel papier? Sommige personen zouden een halve meter zeggen, anderen zijn ietwat moediger en antwoorden zo hoog als het plafond. Maar deze antwoorden zijn fout. Het is ruwweg de afstand tussen de aarde en de zon.<span id="more-1243"></span></p>
<p>Het punt wat ik probeer te maken is dat veel mensen niet in staat zijn om exponentiële groei correct in te schatten, bijvoorbeeld met de verspreiding van besmettelijke ziekten, criminaliteit, trends, beleggen, en (persoonlijk) succes.</p>
<p>Terwijl politici en managers door middel van radicale verandering een plotselinge doorbraak willen forceren, zit de crux juist in de constantheid van je inspanningen. Het stap voor stap werken naar een doel. Het creëren van momentum door een enorm vliegwiel te duwen en te duwen. Een onafgebroken serie van handelingen gericht op één enkel doeleinde, die uiteindelijk tot een doorbraak leiden. Realiseer je dat een doorbraak niet uit het niets ontstaat, maar dat enkel toeschouwers een doorbraak als &#8220;plots&#8221; ervaren.</p>
<p>Neem Thomas Edison, de welbekende uitvinder van de gloeilamp. Op het eerste gezicht lijkt deze uitvinding een plotse, miraculeuze doorbraak. Alsof Edison ineens met een briljant idee kwam of een gelukstreffer had. Edison verklaart echter: &#8220;<em>I never did anything by accident, nor did any of my inventions come by accident; they came by work</em>.&#8221;</p>
<p>Edison duwde zijn vliegwiel draai voor draai. Zijn inspanningen waren goed voor meer dan 10.000 mislukte uitvindingen (c.q. duwtjes), totdat een doorbraak volgde. Deze &#8220;plotse&#8221; doorbraak—de uitvinding van de gloeilamp—kan niet verklaard worden door geluk, briljantheid, of een willekeurige, eenmalige handeling. Het was wat Malcolm Gladwell het &#8220;tipping point&#8221; zou noemen. Het probleem is dat mensen van buitenaf slechts dit omslagpunt aanschouwen, onwetend over de hoeveelheid werk, discipline, en doorzettingsvermogen die hieraan vooraf gingen.</p>
<p>Jij—persoonlijk—moet volharden in het afstemmen van jouw vliegwiel in de gekozen richting. Breng jouw vliegwiel duw voor duw in beweging totdat deze vaart begint te maken. Succes komt niet uit de lucht vallen.</p>
<p>Ik heb dit in de praktijk mogen aanschouwen. Twee van mijn hoogleraren hebben dit pad gekozen. De ene heet <a href="http://www.dienstenmarketing.nl/" target="_blank">Wouter de Vries jr.</a>, een specialist in dienstenmarketing, en de ander heet <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Jes%C3%BAs_Huerta_de_Soto" target="_blank">Jesús Huerta de Soto</a>, een groots econoom en ondernemer.</p>
<p>Jarenlang hebben zij hun vliegwiel snelheid meegegeven. Zij lezen een inmense hoeveelheid aan vakliteratuur, schreven boeken, columns, geven les, en belangrijker: pasten hun kennis in de praktijk toe met enthousiasme en discipline.</p>
<p>Het mag—ter illustratie—geen toeval heten dat 80% van de villa&#8217;s in de Verenigde Staten één ding in gemeen hebben: allen hebben een bibliotheek. Beide heren zijn het levende voorbeeld van deze veelzeggende statistiek.</p>
<p>Iets anders wat zij in gemeen hebben is dat het beide getalenteerde sprekers zijn. Hun lezingen boeien, dagen uit, en raken een persoonlijke snaar. Wat veel mensen niet zien is dat het kunnen communiceren van een boodschap een trainbare gave is. Veel specialisten zijn echter te lui, te laks, of te koppig om dit aspect van hun wezen te willen verbeteren. &#8220;Het gaat om de inhoud,&#8221; zegt men. Zij maken helaas een grove inschattingsfout.</p>
<p>Het is niet voor niets dat Bill Gates—voorheen één van de slechtere en saaiere sprekers ooit—zich ontwikkelde tot één van de betere sprekers van ons tijdperk. Hij realiseerde zich hoe belangrijk het was om een boodschap op een unieke en boeiende manier over te brengen. Het voorbeeld van Bill Gates is een ode aan het belang van communicatie. De wet van exponentiële groei is op het gebied van voortreffelijk spreken en schrijven evengoed van kracht.</p>
<p>Warren Buffett begon ooit met een paar dollar en is nu één van de rijkste mannen ter wereld. Hij is het tastbare bewijs dat aantoont waar exponentiële groei tot in staat is. Begin nu en investeer in je financiële bewustzijn. Ga er niet vanuit dat de overheid over 50 jaar klaar staat om je te verzorgen. Maak niet de fatale vergissing om te denken dat financiële kennis niet noodzakelijk is zolang je in een ander vakgebied je brood verdient.</p>
<p>Begin nu om later financieel onafhankelijk te zijn. Begin nu met het sparen van activa die je later een inkomen kunnen verschaffen, zonder nog actief te werken. Wanneer jij iedere maand simpelweg 100 EUR spaart en verstandig belegt, dan ben jij voor je pensioen miljonair. Veel ingewikkelder is het niet.</p>
<p>Miljonair worden is simpel, maar niet makkelijk. Het is makkelijker om simpelweg een dag door te komen. Om niet een dag te leven, maar door een dag geleefd te worden. Het is zo makkelijk om thuis de televisie aan te zetten. Het is zo makkelijk om niet dat boek te lezen. Het is zo makkelijk om een excuus te verzinnen voor je middelmatige presentaties. Het is zo makkelijk om niet geïnteresseerd te zijn. Het is zo makkelijk om te zeggen &#8220;als&#8221;. Het is zo makkelijk om niet je volledige potentie te benutten. Dat is ook de reden dat niet iedereen succesvol is. Het is makkelijker om het niet te zijn.</p>
<p>Niettemin besef je je op een gegeven moment dat het te laat is. Zoals Jim Rohn ooit treffend zei: &#8220;Discipline weegt een paar gram, maar berouw weegt tonnen.&#8221;</p>
<p>In het leven gaat het er om dat je doet waar je het beste in bent. Dat je uitmuntend bent in wat je doet. Maar het halen van een dergelijk niveau van succes vereist veel zelfdiscipline, arbeid, en doorzettingsvermogen geconcentreerd op weloverwogen doeleinden, terwijl het voor de buitenwereld lijkt alsof je succes pardoes uit de lucht komt vallen. Ik noem dit concept van ogenschijnlijke, plotselinge doorbraken echter een logisch gevolg van <em>de wet van exponentiële groei</em>.</p>
<p>Pas het concept van exponentiële groei toe in ieder onderdeel van je leven. Financieel, persoonlijk, en zakelijk. De wet van exponentiële groei is universeel.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1243</wfw:commentRss>
		<slash:comments>6</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hogere werkloosheid is onvermijdelijk met lagere huizenprijzen</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1542</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1542#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 12 Apr 2012 12:43:53 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Economie]]></category>
		<category><![CDATA[huizenmarkt]]></category>
		<category><![CDATA[huizenprijzen]]></category>
		<category><![CDATA[hypotheek]]></category>
		<category><![CDATA[Nationale Hypotheek Garantie]]></category>
		<category><![CDATA[NHG]]></category>
		<category><![CDATA[overwaarde]]></category>
		<category><![CDATA[welvaart]]></category>
		<category><![CDATA[woning]]></category>
		<category><![CDATA[woningmarkt]]></category>
		<category><![CDATA[zeepbel]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1542</guid>
		<description><![CDATA[Ik gaf eerder aan dat de lucht uit de huizenzeepbel pijnlijk langzaam eruit geknepen zou worden. De huizenprijzen blijven inmiddels dalen. De gemiddelde huizenprijs ligt momenteel op 214.000 EUR, een bedrag dat ruim 6% lager ligt vergeleken met vorig jaar. De vraag naar koophuizen droogt op, terwijl het aanbod grote vormen aanneemt. De consequenties zijn [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft size-medium wp-image-1543" src="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/underwater-mortgages1-300x199.jpg" alt="" width="210" height="139" />Ik gaf eerder aan dat <a href="http://www.globaliteit.nl/?p=398" target="_blank">de lucht uit de huizenzeepbel pijnlijk langzaam eruit geknepen zou worden</a>. De huizenprijzen blijven inmiddels dalen. De gemiddelde huizenprijs ligt momenteel op 214.000 EUR, een bedrag dat ruim 6% lager ligt vergeleken met vorig jaar. De vraag naar koophuizen droogt op, terwijl het aanbod grote vormen aanneemt. De consequenties zijn enorm.<span id="more-1542"></span></p>
<p>Dit decennium worden de maatschappelijke gevolgen duidelijk. De dalende huizenprijzen werken als een molensteen om de nek van de ongelukkige huizenbezitters. Zij bevinden zich in een situatie waarin zij meer geleend hebben—soms wel 110% of 120% van de koopprijs—dan de woning waard is, gedreven door <a href="http://www.globaliteit.nl/?p=283" target="_blank">de illusie dat huizenprijzen altijd zouden stijgen</a>. Voor hun rest er geen andere optie: hun tijd uitzitten. De personen met een beleggingshypotheek komen er nog bekaaider af: zelfs hun tijd uitzitten garandeert geen gelukkig einde. Dit geldt niet enkel voor mensen die een nieuwe woning kopen, maar net zo goed voor mensen die hun woning herfinancieren om de overwaarde te &#8216;<em>cashen</em>&#8216; door een hogere hypotheek op dezelfde woning aan te gaan.</p>
<p>De situatie waarin Nederland zich bevindt is daarom fragiel. Arbeiders kunnen niet verhuizen zonder er een restschuld op na te houden. Een verhuizing is een financiële doodsteek. Wanneer nu blijkt dat de verkoopprijs van de woning vele malen lager is dan de uitstaande hypotheekschuld, is het al te laat. Het leed is reeds geschied. Het enige wat rest na het luchtkasteel van stijgende huizenprijzen is de keiharde realiteit dat sommige Nederlanders 40 tot zelfs 50% van hun huizenprijs in de schuld te zitten. Hun keuzevrijheid zal zonder meer beperkt zijn in de toekomst.</p>
<p>Wat zijn de gevolgen van deze tragedie? Het feit dat het aantal verhuizingen zal afnemen, zal leiden tot een fenomeen wat economen &#8216;een verminderde arbeidsmobiliteit&#8217; noemen. Om werk te kunnen vinden zouden veel personen van gemeente moeten wisselen. De restschuld op hun woning belemmert hun echter om te verhuizen. Deze flexibiliteit in de factor arbeid zorgt ervoor dat het aanbod van arbeidsdiensten de vraag vanuit ondernemers tegemoet kan komen. Mensen verhuizen naar die gedeeltes in het land waar men denkt de grootste kans te hebben om een nieuwe baan te vinden. Deze coördinatie in de markteconomie vindt daarentegen nu niet plaats. Het onvermijdelijke gevolg van deze verminderde arbeidsmobiliteit is discoordinatië in het marktproces en een hogere werkloosheid.</p>
<p>Ironisch genoeg is er een weg uit. Ieder getrouwd stel dat een hypotheek heeft met de NHG (Nationale Hypotheek Garantie) krijgt de volgende perverse keuze voorgelegd: scheiden en de restsschuld wordt kwijtgescholden door de NHG óf op de blaren zitten en simpelweg niet verhuizen. Een slaaf zijn van uw eigen woning. De uitweg die de NHG u biedt is wel na het inleggen van álle eigen middelen. Al uw eigen spaargeld. U begint vanaf nul. U gaat terug naar start. De immoraliteit van deze clausule zal ik uw besparen.</p>
<p>Jongeren kopen nog steeds huizen in de huidige markt tegen een hypotheek van 110 of 120% van de koopprijs. Dit is dé eigenschap van een generatie die opgroeit onder de paternalistische verzorgingsstaat. Een generatie die constant verlangt naar onmiddellijke bevrediging zonder de gevolgen op de lange termijn te overwegen. Zij zullen als voorbeeld gaan gelden voor toekomstige generaties om vooral sceptisch te zijn wat betreft de aankoop van een huis en de onachtzame toe-eigening van schulden.</p>
<p>De &#8216;claim&#8217;- en &#8216;<em>immediate gratification</em>&#8216;-mentaliteit zullen diepe sporen achter laten op de welvaart van de Nederlander. Over een aantal jaar, over een decennium, en over decennia. Zo zijn de wetten van economie en van het leven.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1542</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De vervanging van vrije handel door oorlog</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1533</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1533#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 04 Apr 2012 18:55:32 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Economie]]></category>
		<category><![CDATA[arbeidsverdeling]]></category>
		<category><![CDATA[eurocrisis]]></category>
		<category><![CDATA[geweld]]></category>
		<category><![CDATA[globalisering]]></category>
		<category><![CDATA[handel]]></category>
		<category><![CDATA[ideologie]]></category>
		<category><![CDATA[internationale handel]]></category>
		<category><![CDATA[mercantilisme]]></category>
		<category><![CDATA[nationalisme]]></category>
		<category><![CDATA[oorlog]]></category>
		<category><![CDATA[protectionisme]]></category>
		<category><![CDATA[socialisme]]></category>
		<category><![CDATA[specialisatie]]></category>
		<category><![CDATA[valuta]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1533</guid>
		<description><![CDATA[De huidige ontwikkelingen in de wereld zijn voor de alledaagse mens bijzonder deprimerend. Het huidig monetair systeem draait uit op de grootste mislukking in de geschiedenis van de mensheid en valse ideologieën vinden hun terugkeer in deze malaise. De eurocrisis en de afkeer tegen de Islam in West-Europa voeden het befaamde economisch nationalisme. Kortom, de [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-medium wp-image-1537" src="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/iraq3mk_38681-300x224.jpg" alt="" width="216" height="161" />De huidige ontwikkelingen in de wereld zijn voor de alledaagse mens bijzonder deprimerend. Het huidig monetair systeem draait uit op de grootste mislukking in de geschiedenis van de mensheid en valse ideologieën vinden hun terugkeer in deze malaise. De eurocrisis en de afkeer tegen de Islam in West-Europa voeden het befaamde economisch nationalisme. Kortom, de publieke opinie verschuift naar doctrines die enkel tot een slechte afloop kunnen leiden. Dit tijdperk in de geschiedenis van de wereld zal later zonder meer beschouwd worden als een cruciale les voor toekomstige generaties.<span id="more-1533"></span></p>
<p>Onbelemmerde vrije handel tussen landen heeft grote voordelen. Het zorgt ervoor dat een ieder profiteert van een grotere arbeidsverdeling en specialisatie. De globalisering van de economie heeft geresulteerd in een enorme toename in de productiviteit. In dit proces bedient iedereen elkaar, wat leidt tot meer overvloed in producten en diensten. Dankzij deze ontwikkeling kunnen we doelen nastreven die we eerder niet voor mogelijk hadden gehouden. Het stelt ons in staat om onze levens te beteren en aangenamer te maken.</p>
<p>Gedreven door onjuiste ideologieën vraagt het publiek om &#8220;bescherming van buitenaf&#8221;. Het is waar. Sommige industrieën die eerder winstgevend waren, worden door buitenlandse concurrentie in de rode cijfers gedrukt. Deze industrieën krimpen in: mensen worden ontslagen en middelen worden vrijgemaakt. Maar dit is inherent aan een wereld die gekenmerkt wordt door constante verandering.</p>
<p>Consumenten zijn meedogenloos. Zonder zich te bekommeren om het lot van de producenten kopen zij enkel die producten die aan hun verwachtingen voldoen. Wanneer zij de voorkeur geven aan een flatscreen van Sony in plaats van LG, of aan een etentje in plaats van een bezoek aan de bioscoop, maken zij duidelijk wie, hoe, en wat men moet produceren. De ondernemer of het bestuur van een bedrijf is enkel de intermediair tussen consument en arbeider. Zij beslissen als afgevaardigde van de soevereine consument.</p>
<p>Wanneer consumenten kiezen voor een product uit het buitenland, ten koste van de binnenlandse producent, maken zij hun stem duidelijk kenbaar: de buitenlandse producten zijn superieur. De schaarse middelen en tijd die in eigen land gebruikt worden voor dezelfde goederen worden verkwanseld. Deze middelen kunnen beter gebruikt worden voor de productie van andere producten en diensten.</p>
<p>Met een duur woord zeggen we dat een bepaald land uiteindelijk dat zal produceren waarin men een comparatief voordeel bezit. Zelfs als één land meer efficiënt is in de productie van alle denkbare producten, dan nog steeds profiteren alle landen van vrije handel door dat te produceren waar men relatief efficiënter in is. Het was voordeliger voor de Engelse om wijn te importeren uit Portugal, dan wijn te produceren in Engeland. Op dezelfde wijze was het voordeliger voor de Portugezen om stof te importeren uit Engeland, dan stof zelf te produceren in Portugal.</p>
<p>De term &#8216;<em>survival of the fittest</em>&#8216; is ronduit misleidend in de context van een samenleving. Concurrentie in een markteconomie gaat niet om wie fysiek het sterkste is of wie het meest effectief geweld kan toepassen. Concurrentie in een markteconomie gaat erom wie zo goed mogelijk de klant kan bedienen. De &#8216;<em>fittest</em>&#8216; is diegene die de consument het beste bedient.</p>
<p>De doctrine van protectionisme ontkent al deze waarheden. Het protectionisme vertelt ons dat internationale handel schadelijk is. Zonder in te zien dat de destructie van industrieën en het verlies van banen in sommige sectoren noodzakelijk is in een wereld van verandering, concentreert men zich enkel op de zichtbare gevolgen: tijdelijke werkloosheid en de ondergang van een industrie. Zij stellen dat buitenlandse concurrentie leidt tot een verpaupering van de binnenlandse levensstandaard en dragen de tastbare gevolgen van globalisering op als definitief bewijs hiervoor.</p>
<p>Het kwaad van deze schadelijke ideologie waart nog stevig rond vandaag de dag. Nog steeds kent Nederland invoerbelastingen die buitenlandse goederen duurder maken ten opzichte van binnenlandse goederen en, noodzakelijkerwijs, binnenlandse producenten een privilege verschaffen ten koste van buitenlandse producenten. Nog steeds subsidieert men binnenlandse producenten met belastinggeld.</p>
<p>Het toppunt van protectionisme anno 2012 is echter de valuta-oorlog. Centrale banken overal ter wereld zien in de devaluering van hun munt dé sleutel tot succes. Door de eigen valuta verder te devalueren maakt men binnenlandse producten tijdelijk goedkoper voor buitenlanders en buitenlandse producten duurder voor het eigen volk. Op deze manier verleent men een privilege aan sommige binnenlandse producenten (met name exporteurs) ten koste van de rest van de samenleving. Zodra de geldinjectie volledig is geabsorbeerd en als gevolg de relatieve prijzen van goederen hersteld zijn, is het tijdelijke &#8220;voordeel&#8221; weg. Deze &#8220;strategie&#8221; is echter waardeloos wanneer een ander land sneller devalueert. De huidige valuta-oorlog is daarom een race tot de bodem. Het eindpunt van deze competitie is de volledige ondergang van het monetair systeem van alle landen in kwestie.</p>
<p>Sterker nog, deze doctrine staat op het punt om een terugkeer in de schijnwerpers te maken. Met de huidige recessie, de eurocrisis, de valuta-oorlog, en de afkeer tegen de Islam en immigratie in het algemeen, lijkt een heropleving van het protectionisme, eventueel in de vorm van politiek nationalisme of socialisme, onvermijdelijk. Al deze ontwikkelingen kunnen leiden tot een heropleving van handelsbarriéres, kapitaalcontrole, importrestricties, en andere maatregelen die de vrije handel belemmeren.</p>
<p>Wanneer barrières opgelegd worden in de handel van goederen tussen landen, vallen de voordelen van internationale samenwerking—een grotere arbeidsverdeling en specialisatie—weg. Niet langer geniet een land de voordelen die de hogere productiviteit onder vrije internationale handel biedt. Wanneer een land zich keert tot de valse doctrine van protectionisme, dan leidt dat tot een lagere levensstandaard voor alle landen ter wereld.</p>
<p>In het geval een land meer militaire armslag heeft dan een ander land, kan men door middel van militaire interventie dit land betrekken in haar eigen grondgebied. Op deze manier profiteert het <em>wel </em>gedeeltelijk van een grotere arbeidsverdeling. Deze territoriale geestdrift is inherent aan protectionisme en alle politieke ideologieën die hiermee verbonden zijn. Het is in essentie de enige oplossing om te profiteren van de voordelen die vrije handel biedt in een wereld gedomineerd door het protectionisme. De handelsembargo&#8217;s in het Midden-Oosten kunnen bijvoorbeeld enkel en alleen tot gewelddadige conflicten leiden.</p>
<p>Het inruilen van vrije handel voor protectionistische maatregelen is een beleid dat oorlog voedt. De doctrine van protectionisme staat gelijk aan conflict en oorlog.</p>
<p>In dit opzicht zijn instanties als de Verenigde Naties, de NAVO, de Veiligheidsraad, de Wereldbank en andere organisaties die als doel hebben om de stabiliteit in de wereld te bevorderen waardeloos. Het is ronduit naïef om ons vertrouwen te leggen in verdragen, conferenties, en het bureaucratische gedrocht dat gebouwd is op deze valse rechtvaardiging. Wat zal resten is enkel een illusie: het idee dat deze organisaties in staat zijn om de vrede te bewaren. De illusie dat een dominante ideologie van <em>laissez-faire</em> geen vereiste is om dit doel te bereiken.</p>
<p>Het proces dat in dit artikel beschreven wordt is inmiddels in een vergevorderd stadium. Mocht de publieke opinie vrije handel blijven veroordelen, dan is een nieuwe oorlog van het formaat WO I en WO II onvermijdelijk. Liberalisme is een doctrine van vrede. Protectionisme in al zijn varianten is een doctrine van conflict en geweld.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1533</wfw:commentRss>
		<slash:comments>10</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De romantisering van de gulden en de waarheid achter de goudstandaard</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1518</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1518#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 27 Mar 2012 23:41:03 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Economie]]></category>
		<category><![CDATA[bailout]]></category>
		<category><![CDATA[centrale bank]]></category>
		<category><![CDATA[deflatie]]></category>
		<category><![CDATA[EU]]></category>
		<category><![CDATA[euro]]></category>
		<category><![CDATA[eurocrisis]]></category>
		<category><![CDATA[geld]]></category>
		<category><![CDATA[geldontwaarding]]></category>
		<category><![CDATA[goud]]></category>
		<category><![CDATA[gouden wisselstandaard]]></category>
		<category><![CDATA[goudstandaard]]></category>
		<category><![CDATA[Grote Depressie]]></category>
		<category><![CDATA[gulden]]></category>
		<category><![CDATA[Hollandse ziekte]]></category>
		<category><![CDATA[kredietexpansie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1518</guid>
		<description><![CDATA[De romantisering van de gulden neemt met de crisis in de eurozone verbijsterende vormen aan. De euro heeft grote nadelen en grote voordelen ten opzichte van de gulden, maar het huidige verlangen naar de gulden is ronduit misplaatst. Het enige alternatief is een goudstandaard. Het is onfortuinlijk dat er zoveel onbegrip over de goudstandaard bestaat [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft size-medium wp-image-1519" src="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/gold-coins1-300x240.jpg" alt="" width="240" height="192" />De romantisering van de gulden neemt met de crisis in de eurozone verbijsterende vormen aan. De euro heeft grote nadelen en grote voordelen ten opzichte van de gulden, maar het huidige verlangen naar de gulden is ronduit misplaatst. Het enige alternatief is een goudstandaard. Het is onfortuinlijk dat er zoveel onbegrip over de goudstandaard bestaat en dat men in het duister tast over de ware redenen van het einde van dit &#8220;barbaars relikwie&#8221; als algemeen ruilmiddel.<span id="more-1518"></span></p>
<p><strong>De euro als <em>proxy </em>van de goudstandaard</strong></p>
<p>De euro werkt binnen de eurozone als <em>proxy </em>van de goudstandaard. Dit betekent dat regeringen niet zomaar hun valuta kunnen devalueren om structurele problemen te verhullen. Wanneer een economie niet concurrerend is vanwege een karrenvracht aan overheidsinterventie is dat duidelijk voor iedereen ter wereld. De euro dwingt landen om noodzakelijke hervormingen door te voeren in plaats van simpelweg geld te drukken.</p>
<p><strong>Geen &#8220;Hollandse&#8221; ziekte</strong></p>
<p>Een ander voordeel is dat een stijging of daling in de buitenlandse vraag naar een bepaald goed in een land geen negatieve effecten heeft op ongerelateerde industrieën. Dit is wel het geval met de gulden. Dit fenomeen—dat ironisch genoeg de Hollandse ziekte (&#8220;<em>Dutch Disease</em>&#8220;) genoemd wordt—vindt zijn oorsprong in het monetair nationalisme wat de zo begeerde gulden kenmerkte.</p>
<p>De Hollandse ziekte verklaart—in een systeem van zwevende valuta en monetair nationalisme—dat wanneer als gevolg van de verkoop van pas ontdekte grondstoffen de waarde van een munt stijgt, deze waardestijging resulteert in een verslechtering van de concurrentiepositie van het land of, beter gezegd, de monetaire unie. Dit fenomeen ontstaat echter bij elke geconcentreerde toename in vraag vanuit het buitenland of, in andere woorden, een instroom van kapitaal in één bepaalde sector. Het is absoluut geen vereiste—zoals veel economen denken—dat er daadwerkelijk een grondstof ontdekt dient te worden. Het is wel een vereiste dat de wisselkoersen tussen valuta variabel zijn.</p>
<p><strong>De ontwerpfout van de Euro</strong></p>
<p>Het grote nadeel van de euro is dat er een ontwerpfout in het systeem zit. Alle lidstaten kunnen roekeloos financieel beleid “externaliseren” en uitsmeren over de gehele eurozone. Elke overheid wiens staatsobligaties worden geaccepteerd door de Europese Centrale Bank (ECB) als onderpand kan indirect de geldpers gebruiken om zijn uitgaven te financieren. Elke overheid heeft daarom het incentive om meer schulden te maken dan de rest van de eurozone. Het belang van automatische sancties bij overtreding van de Europese begrotingsregels is daarom evident. Weinig landen hadden echter de politieke wil om een dergelijk verdrag te bekrachtigen. Hét instrument om deze ontwerpfout inherent aan de euro te repareren blijft daarom zonder tanden.</p>
<p><strong>Het redden van &#8220;probleemlanden&#8221;</strong></p>
<p>Het feit dat er met miljarden aan staatssteun getracht wordt om probleemlanden te redden is niet inherent aan de euro of een monetaire unie. Nog steeds lijkt iedereen de optie uit te sluiten dat een land niet langer haar schuld betaalt én in de euro blijft, maar het fiscaal overeind houden van andere landen is geenszins een vereiste in een monetaire unie. Het probleem in deze is dat Europese politici vooral aan de korte termijn denken en daarom ervoor kozen, bang voor verergering van de bankencrisis en de gevolgen voor het fragiele pensioenstelsel, om de posities van onder andere de Duitse en Franse banken te beschermen zodat deze hun posities in de staatsobligaties van probleemlanden niet hoefden af te schrijven. De geldkraan voor landen als Griekenland en Portugal werd opengezet zonder enige achting voor de consequenties op langere termijn: een situatie waarvoor ik eerder de term &#8220;<em>Mexican standoff</em>&#8221; gebruikte. Elke keer wanneer Europa bezuinigingen en hervormingen tracht af te dwingen, maken probleemlanden loze beloften of dreigen met faillissement.</p>
<p><strong>De misplaatste heimwee naar de gulden</strong></p>
<p>Veel mensen bekritiseren de euro vanwege zijn daling in koopkracht, ook ten opzichte van de gulden toen deze nog bestond. Dit is een naïeve analyse van oorzaak en gevolg. Het feit dat een euro vandaag minder koopt betekent niet dat de gulden een walhalla van prijsstabiliteit was.</p>
<p>Tussen 1900 en 2000 verloor de gulden liefst 95% van zijn koopkracht. Een gulden in 2000 was nog maar een stuiver waard ten opzichte van een gulden in 1900. Tussen 1970 en 1980, in amper tien jaar tijd, werd de gulden 50% minder waard. Kortom, er zit geen enkel wezenlijk verschil tussen de gulden en de euro als we het hebben over hun constante devaluatie. </p>
<p>De wens om terug te keren naar de gulden is enkel en alleen een attributiefout die voortkomt uit een misvatting over oorzaak en gevolg. Het melancholisch verlangen naar de gulden vanwege zijn prijsstabiliteit staat gelijk aan het hebben van heimwee naar een ex-vriendin die vreemd ging vanwege haar vermeende monogamie. Net zoals er geen maagdelijke hoeren bestaan, is het idee van een stabiele gulden ronduit belachelijk.</p>
<p><strong>De goudstandaard in Nederland</strong></p>
<p>In de jaren &#8217;30 ging Nederland gebukt onder een hevige depressie. Terwijl Nederland nog een goudstandaard hanteerde liep de werkloosheid op tot bijna 35%, nadat omringende landen massaal de goudstandaard verlaten hadden. Nederland was zelfs voor één dag het enige overgebleven land ter wereld met een goudstandaard. Toenmalig minister-president, Hendrik Colijn, was principieel tegen het verlaten van de goudstandaard en stelde dit gelijk aan &#8220;diefstal&#8221;. Een dergelijk besluit zou leiden tot een devaluatie van de gulden en noodzakelijkerwijs tot een devaluatie van het spaargeld van crediteuren. Colijn voerde bezuinigingen door om de overheidsfinanciën op orde te krijgen en het land uit de crisis te tillen, maar zwichtte uiteindelijk onder zware druk om de goudstandaard op te geven.</p>
<p>Het vasthouden aan de goudstandaard door Colijn wordt tot op de dag van vandaag nog steeds gezien als een grote fout. Sommige economen trekken de parallel met landen als Griekenland vandaag de dag. Zij zien in de euro, net als in goud, een obstakel voor het herstel van een economie in crisis.</p>
<p>Het grote probleem met dit verhaal is dat er in de jaren &#8217;30 geen sprake was van een goudstandaard, maar van een pseudo-goudstandaard. Dit was een systeem van nationale reserves. De centrale bank houdt een bepaalde ultieme reserve in goud aan, terwijl in het binnenland zaken wordt gedaan in geldsubstituten: bankbiljetten—uitgegeven door de houder van de uiteindelijke reserve, i.e., de centrale bank—of in deposito&#8217;s c.q. zichtrekeningen. Dit &#8220;gemengde&#8221; systeem wordt ook wel de gouden wisselstandaard genoemd.</p>
<p>Het probleem was dat in deze periode de hoeveelheid deposito&#8217;s die uitgegeven werden kon groeien, zonder dat deze gedekt werden door daadwerkelijke besparingen. Banken deden aan fractioneel reserve bankieren: tegenover een groot deel aan betaalrekeningen van mensen staan leningen aan bedrijven. Hierdoor kon de krediethoeveelheid, en dus de geldhoeveelheid in brede zin, groeien zonder gedekt te worden door goud—het daadwerkelijke geld dat geldsubstituten als biljetten en deposito&#8217;s behoort te dekken. In 1930 werd bijvoorbeeld slechts de helft van de guldens gedekt door goud.</p>
<p><strong>Waarom herstelde de Nederlandse economie niet?</strong></p>
<p>De jaren in aanloop naar 1932 waren hooguit inflationair: Engeland en de Verenigde Staten kenden een periode van ongekende kredietexpansie welke leidde tot een uitstroom van goud. Met de nieuw gecreëerde geldsubstituten werden immers niet alleen binnenlandse maar ook buitenlandse goederen gekocht. Onder de pseudo-goudstandaard kan de nationale geldhoeveelheid (het aantal claims op geld in de vorm van biljetten en munten en het aantal Britse deposito&#8217;s) niet ongelimiteerd groeien. Er komt een moment dat deze geldsubstituten in de handen van buitenlanders eindigen, die vervolgens een levering van het goud claimen. Toen de Britten doorhadden dat men de uitstaande verplichtingen nooit zou kunnen voldoen zonder de gehele goudreserve van de centrale bank te verliezen, weigerde men om nog langer claims in te wisselen voor goud en stapte men <em>de facto</em> van de goudstandaard.</p>
<p>Toen in de begin jaren &#8217;30 andere landen massaal van de goudstandaard afstapten, bleef Colijn vasthouden aan goud als geld. Dit resulteerde vervolgens in het feit dat Nederland tot en met 1932 een enorme instroom van goud ondervond—de geldhoeveelheid verdubbelde. In de gouden wisselstandaard leidt een dergelijke instroom van goud echter tot een kredietexpansie, een relatieve verlaging van de rente, prijsstijgingen in kapitaalintensieve markten (waaronder de huizenprijzen), en een toename van de wisselkoers. Consumentenprijzen daalden vooralsnog door de toenemende werkloosheid en het feit dat de import van benodigdheden goedkoper werd.</p>
<p>Eind 1932 eindigde deze instroom abrupt en veranderde deze in een uitstroom, met alle gevolgen van dien. De krediethoeveelheid in de economie (of het aantal geldsubstituten) werd weer samengetrokken door de centrale bank om te kunnen voldoen aan de claims in goud. Een abrupte deflatie was het gevolg en het aantal faillissementen dat resulteerde was enorm. De werkloosheid liep snel op. De investeringen in bedrijven evenals de crisis bereikte een dieptepunt in 1936.</p>
<p>De industrieën die het hardst getroffen werden waren de bouw en de metaalindustrie en in mindere mate de papierindustrie, de textiel- en lederindustrie, transportmiddelenindustrie, de machine-industrie en de landbouw. Het waren juist deze industrieën die het meest expandeerden tijdens de instroom van goud en de daarbij horende expansie van het krediet als gedirigeerd door de centrale bank in de gouden wisselstandaard.</p>
<p>Het feit dat andere landen eerder van de gouden wisselstandaard afstapten verklaart dat het hoogtepunt van de depressie voor deze landen al in 1932 was. De contractie van het krediet in die landen—waaronder de VS en Groot-Brittanië—vond eerder plaats dan in Nederland. De keuze van Colijn om aan de goudstandaard vast te houden was een juiste. De centrale bank had echter met de instroom van het goud uit andere landen de ongekende kredietexpansie moeten belemmeren en beperken.</p>
<p>Een echte goudstandaard zou nooit resulteren in een expansie of contractie van het krediet. Dat is de crux van het verhaal. De Grote Depressie in Nederland is het falen van centraal bankieren, niet van de goudstandaard. De Grote Depressie is een tragedie veroorzaakt door een falend monetair systeem dat onjuist toegeschreven werd en wordt aan goud. Deze episode in de lange geschiedenis van menselijk leed was een product van de gouden wisselstandaard, niet van de goudstandaard.</p>
<p><strong>Vroeger alles beter?</strong></p>
<p>Was vroeger alles beter? Misschien wat geld betreft wel, alleen dan wel toen de gulden nog gedekt werd door goud. Met de kanttekening dat met &#8216;vroeger&#8217; de periode vóór de gouden wisselstandaard wordt aangeduid. De benaming &#8220;gulden&#8221; is niet voor niets afgeleid uit het woord &#8220;gouden&#8221;.</p>
<p>Het enige juiste alternatief voor de euro is de goudstandaard. De gulden met al haar defecten is geen serieus alternatief daar het geenszins de voordelen van beide andere munten overstijgt. De fiatgulden is een artefact uit het recente verleden dat op misplaatste wijze verbonden wordt met het economische &#8216;feest&#8217; dat ongecontroleerde kredietexpansie heet. Men ziet de oorzaak van alles niet in de periode van hoogconjunctuur, maar enkel in de recessie. De fase van &#8216;<em>irrational exuberance</em>&#8216; gedreven door kredietexpansie is echter een feest wat onvermijdelijk tot een voortijdig einde dient te komen. Het heeft geen zin om een comadrinker nog een glas alcohol te schenken.</p>
<p>Met het aanstaande einde van de euro in zijn huidige vorm wordt de weg gebaand voor een alternatief: wordt het wederom een fiatvaluta of goud? Dit is geen vraag over technische haalbaarheid. Zoals Mises ons voorspiegelt: &#8220;<em>Every nation, whether rich or poor, powerful or feeble, can at any hour once again adopt the gold standard.</em>&#8221; Enkel ideologie en publieke opinie zullen het antwoord op die vraag uiteindelijk bepalen. </p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1518</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Spanje heeft nog kast vol met lijken</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1503</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1503#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 22 Feb 2012 23:41:24 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Economie]]></category>
		<category><![CDATA[bailout]]></category>
		<category><![CDATA[begrotingstekort]]></category>
		<category><![CDATA[EU]]></category>
		<category><![CDATA[euro]]></category>
		<category><![CDATA[Europa]]></category>
		<category><![CDATA[Spanje]]></category>
		<category><![CDATA[staatsschuld]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1503</guid>
		<description><![CDATA[Terwijl de Europese ministers ervan uitgaan dat het begrotingstekort in Spanje van 2011 uitkomt op 8%, lijken de Comunidades Autónomas (autonome gemeenschappen) nog een verrassing in petto te hebben. Spaanse overheidsfunctionarissen hebben openstaande rekeningen gevonden bij deze gemeenschappen die nog niet inbegrepen zijn bij het geschatte begrotingstekort. Daarmee ligt het begrotingstekort over 2011 in werkelijkheid [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-medium wp-image-1504" src="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/m1fz6v4a34io1-300x211.jpg" alt="" width="240" height="169" />Terwijl de Europese ministers ervan uitgaan dat <a href="http://www.nu.nl/economie/2747204/spanje-neemt-genoegen-met-hoger-tekort.html" target="_blank">het begrotingstekort in Spanje van 2011 uitkomt op 8%</a>, lijken de Comunidades Autónomas (autonome gemeenschappen) nog een verrassing in petto te hebben. Spaanse overheidsfunctionarissen hebben openstaande rekeningen gevonden bij deze gemeenschappen die nog niet inbegrepen zijn bij het geschatte begrotingstekort. Daarmee ligt het begrotingstekort over 2011 in werkelijkheid niet op 8% maar rond de 10% of 11%.<span id="more-1503"></span></p>
<p>&#8216;Wat niet weet wat niet deert&#8217; is het credo en dus zal deze misrekening zo lang mogelijk administratief verduisterd worden. Wil Spanje op Griekenland lijken? Absoluut niet. Deze paniekerige verduistering van de feiten zal op den duur enkel leiden tot een grotere weerstand van Europese belastingbetalers om staatssteun te verlenen aan noodlijdende landen zoals Spanje zelf.</p>
<p>Zodra de onvermijdelijke noodzaak voor een bailout aanbreekt, zullen deze voor het publiek en Europese politici vooralsnog onbekende problemen bekend worden. Het probleem ligt echter niet bij Spanje, voor wie het incentive natuurlijkerwijs is om zoveel mogelijk tekorten buiten zicht te houden, alsmede onhoudbare beloftes te doen aan de in depressie verkerende Europese leiders. Het gevolg is een <em>Mexican standoff</em>, waarvan we nu al getuigen zijn in Griekenland. Elke keer dat Europa fiscale verantwoordelijkheid wil afdwingen zal men valse beloftes doen of dreigen met faillissement. Niemand wint. Griekenland zal opnieuw geld ontvangen ondanks dat elke euro aan Griekse steun in een bodemloze put verdwijnt.</p>
<p>In dit opzicht is Rajoy, de Spaanse minister-president, het haasje. Elke politici wenst juist in periodes van schijnbare economisch hoogtij—gedreven door een kunstmatige expansie van het krediet—de overschotten uit te geven. Tijdens deze periodes van &#8216;<em>irrational exuberance</em>&#8216; is iedereen blij. Gedurende de vastgoedzeepbel—toen belastinginkomsten jaarlijks met dubbele cijfers toenamen—was Spanje de beste leerling van de klas. Men had een sluitende begroting en maakte ogenschijnlijk een prachtige economische expansie mee, onwetende dat deze enkel voortkwam uit de royale toediening van bedwelmend krediet niet ondersteund door daadwerkelijke besparingen maar gedreven door de creatie van nieuw krediet door het bancaire stelsel. De Europese banken en de ECB waren de bartender op het Spaanse carnaval die de &#8216;Rode Furie&#8217; een flinke kater hebben bezorgd.</p>
<p>Het moet Rajoy dwarszitten dat juist hij het feestje moet verpesten. Spanje wordt gedwongen om fiscale bezuinigingen en hervormingen over de gehele linie door te voeren, onderdeel makend van de euro die momenteel als een proxy van de goudstandaard functioneert. Politici zijn eindelijk met hun handen gebonden aan de werkelijkheid van hun wanbeleid tijdens de jaren van kredietexpansie. Voor het eerst roepen alle politici in koor—inclusief de socialisten—dat er bezuinigd dient te worden.</p>
<p>Tegelijkertijd gaat Spanje gebukt onder veel te rigide arbeidswetten die het ondernemers moeilijk, oneconomisch, of risicovol maken om mensen aan te nemen. Het is daarom geen verrassing dat de werkloosheid op een verbijsterende 23% ligt. De Spanjaarden mogen van geluk spreken dat de uiterst belangrijke sociale institutie genaamd de familie vooralsnog sterk aanwezig is in het land van sangria, paella, tapas, en de zwierige Flamengo.</p>
<p>Spanje heeft urgente behoeften aan liberale hervormingen op de arbeidsmarkt. Het is onfortuinlijk dat het volk de liberalisering van de arbeidsmarkt ziet als iets negatiefs. Afgelopen weekend gingen er in heel Spanje tienduizenden mensen de straat op om te demonstreren tegen arbeidshervormingen. Hervormingen die dringend nodig zijn om werklozen aan werk te helpen.</p>
<p>We zitten in een situatie waarin de PIIGS in de wateren van insolventie varen. In dit scenario bestaan er geen &#8220;oplossingen&#8221; meer. Men is de rekening verschuldigd en dient deze te betalen. De schulden dienen afgeschreven te worden—zo simpel ligt het. Zolang men deze realiteit niet inziet zal het geploeter voortduren. Europese leiders zullen doorgaan met de tegenstrijdige oplossing voor de schuldencrisis door landen met meer schuld op te zadelen. Een oplossing die eindigt in een pijnlijker gevolg dan noodzakelijk was.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1503</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Brief aan Spaans premier Rajoy</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1493</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1493#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 10 Feb 2012 01:54:02 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Economie]]></category>
		<category><![CDATA[belastingdruk]]></category>
		<category><![CDATA[belastingen]]></category>
		<category><![CDATA[bezuinigen]]></category>
		<category><![CDATA[bezuinigingen]]></category>
		<category><![CDATA[brief]]></category>
		<category><![CDATA[Huerta de Soto]]></category>
		<category><![CDATA[overheid]]></category>
		<category><![CDATA[overheidsprojecten]]></category>
		<category><![CDATA[overheidsuitgaven]]></category>
		<category><![CDATA[Rajoy]]></category>
		<category><![CDATA[recessie]]></category>
		<category><![CDATA[Spanje]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1493</guid>
		<description><![CDATA[Afgelopen week stuurde mijn hoogleraar, professor Jesús Huerta de Soto, een korte brief aan de recent gekozen Spaanse premier Mariano Rajoy. Rajoy begon zijn ambtstermijn door direct een verkiezingsbelofte te breken: hij verhoogde de belastingen. Een maatregel die een land in crisis enkel verder in het moeras duwt. Met alle respect, meneer de President, dat [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft size-full wp-image-1496" src="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/250_0_huerta-de-soto-180910-cuadrado1.jpg" alt="" width="200" height="200" />Afgelopen week stuurde mijn hoogleraar, professor Jesús Huerta de Soto, een korte brief aan de recent gekozen Spaanse premier Mariano Rajoy. Rajoy begon zijn ambtstermijn door direct een verkiezingsbelofte te breken: hij verhoogde de belastingen. Een maatregel die een land in crisis enkel verder in het moeras duwt.<span id="more-1493"></span></p>
<p><em>Met alle respect, meneer de President, dat is niet waar.</em></p>
<p><em>Hoe hard het nieuwe kabinet van de Volkspartij [Partido Popular] ook gewerkt mag hebben om de goedkeuring van één van de grootste belastingverhogingen in onze geschiedenis te rechtvaardigen bewerende dat Spanje geen ander alternatief had na het ontdekken van een buitengewone afwijking van 20 miljard euro op de doelstelling van het begrotingstekort voor 2011, voelen we dat het onze verplichting is om duidelijk en openhartig te zeggen dat dit niet waar is en dat er wel degelijk verschillende alternatieven bestonden die ondernemers, werknemers, en investeerders in dit land niet zouden ondermijnen noch onze mogelijkheden op herstel zouden bemoeilijken.</em></p>
<p><em>Het is niet waar dat het begrotingstekort bestreden dient te worden door tegelijkertijd onze belastingen te verhogen tot de hoogste van Europa en uitgaven te verminderen op een ontoereikende manier: er bestaat het veel redelijker alternatief dat de aanpassing volledig bewerkstelligd wordt aan de uitgavenkant. De afgelopen tien jaar zijn de uitgaven van onze overheidsdiensten met 200 miljard EUR toegenomen, bijna 2,5 keer de grootte van ons huidig begrotingstekort.</em></p>
<p><em>Het is niet waar dat het verhogen van belastingen dezelfde effecten heeft als het terugbrengen van de overheidsuitgaven: het eerste vernietigt de elke keer kleiner wordende rijkdom die men de private sector toestaat om te produceren en die dit land staande houdt, terwijl het tweede een te omvangrijke en inefficiënte overheid afslankt die op het punt staat om haar betalingen op te schorten.</em></p>
<p><em>Het is niet waar dat de bevolking zich medeverantwoordelijk moet maken voor de onontbeerlijke bijstelling van het overheidstekort: onze familie&#8217;s en onze bedrijven hebben zich al op een uitzonderlijk sobere manier gedragen gedurende de afgelopen jaren, terwijl de rijksoverheid doorgaat met het uitgeven van geld en vandaag de dag zelfs veel meer dan dat het deed tijdens de roes van de belastingeninkomsten uit de vastgoedzeepbel.</em></p>
<p><em>Het is niet waar dat het verminderen van de uitgaven de situatie in onze economie zou verergeren: integendeel, verder kijkend dan de effecten op korte termijn op het driemaandelijkse BBP, is het reorganiseren van publieke rekeningen zonder de belastingdruk op een zwakke private sector te verhogen een noodzakelijke voorwaarde zodat er opnieuw welvaart en werkgelegenheid op een duurzame manier gecreëerd kan worden.</em></p>
<p><em>Het is niet waar dat het grootste gedeelte van ons budget onaantastbaar is: het is noodzaak om verder te gaan met een complete herstructurering van het model van de Staat, veel meer ruimte latend voor het private initiatief in alle diensten die vandaag de dag de publieke sector verleent en bekostigd worden door enkele buitensporige belastingen en waarvan, in feite, de voorziening niet noodzakelijk is.</em></p>
<p><em>Kortom, meneer de President, Spanje heeft niet hogere belastingen nodig om enkele klaarblijkelijk buitenproportionele overheidsdiensten te financieren, maar een veel soberder overheid die zich bekostigt door met name lagere belastingen om zo de productie van welvaart door de private sector te bevoordelen waaraan, tot op heden, u en uw partij enkel hebben bijgedragen door deze te verstikken met de hoogste inkomstenheffingen in Europa.</em></p>
<p>[Lees ook zijn boek '<a href="http://www.bol.com/nl/p/nederlandse-boeken/geld-krediet-en-crisis-druk-1/1001004010680278/index.html" target="_blank">Geld, Krediet, en Crisis</a>' waarin hij uitlegt hoe het huidige monetaire systeem onvermijdelijk tot recessies leidt]</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1493</wfw:commentRss>
		<slash:comments>11</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De mythe van het anticyclisch marketing budget</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1256</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1256#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 25 Jan 2012 23:08:07 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Innovatie]]></category>
		<category><![CDATA[adverteren]]></category>
		<category><![CDATA[anticyclisch]]></category>
		<category><![CDATA[anticyclisch budgetteren]]></category>
		<category><![CDATA[bedrijfsstrategie]]></category>
		<category><![CDATA[budgetteren]]></category>
		<category><![CDATA[competitive advantage]]></category>
		<category><![CDATA[concurrentievoordeel]]></category>
		<category><![CDATA[conjuctuurcyclus]]></category>
		<category><![CDATA[cycli]]></category>
		<category><![CDATA[depressie]]></category>
		<category><![CDATA[hoogconjuctuur]]></category>
		<category><![CDATA[incrementele innovatie]]></category>
		<category><![CDATA[innovatie]]></category>
		<category><![CDATA[kredietexpansie]]></category>
		<category><![CDATA[marketing]]></category>
		<category><![CDATA[marketingbudget]]></category>
		<category><![CDATA[marketingstrategie]]></category>
		<category><![CDATA[productinnovatie]]></category>
		<category><![CDATA[R&D]]></category>
		<category><![CDATA[R&D budget]]></category>
		<category><![CDATA[radicale innovatie]]></category>
		<category><![CDATA[recessie]]></category>
		<category><![CDATA[reclame]]></category>
		<category><![CDATA[reclamebudget]]></category>
		<category><![CDATA[rente]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1256</guid>
		<description><![CDATA[Het anticyclisch budgetteren van marketinguitgaven is het verhogen van het marketingbudget—reclame en/of R&#38;D—tijdens een recessie. Deze diepgewortelde doctrine is de heilige graal van een hoop bedrijven in tijden van economische tegenspoed. Menig marketeer en ondernemer is er van overtuigd dat dit een slimme strategie is om het goed te doen tijdens en na een recessie. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-medium wp-image-1486" src="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/heartbeat1-300x211.gif" alt="" width="180" height="127" />Het anticyclisch budgetteren van marketinguitgaven is het verhogen van het marketingbudget—reclame en/of R&amp;D—tijdens een recessie. Deze diepgewortelde doctrine is de heilige graal van een hoop bedrijven in tijden van economische tegenspoed. Menig marketeer en ondernemer is er van overtuigd dat dit een slimme strategie is om het goed te doen tijdens en na een recessie. Inmiddels bevindt de economie zich <a href="http://www.nu.nl/binnenland/2692090/nederland-in-recessie.html" target="_blank">weer in een recessie</a>. In dit artikel verkennen we eerst de geschiedenis van deze bedrijfsstrategie, vervolgens de assumpties, een kritiek, en daarna volgt mijn eigen analyse inclusief aanbevelingen.<span id="more-1256"></span></p>
<p><strong>Oorsprong van het anticyclisch budgetteren </strong><br />
Na 1950 verschenen er een aantal studies die het anticyclisch marketingbudget onder de loep namen. Geïnspireerd door het Keynesiaanse gedachtengoed—Keynes&#8217;s remedie voor een recessie is het verhogen van de overheidsuitgaven—vonden deze studies hun oorsprong. Allen kwamen tot dezelfde conclusie. De bedrijven die tijdens een recessie hun investeringen in reclame en R&amp;D opschroefden, deden het beter na de recessie.</p>
<p>Sindsdien verschenen er nog een aantal soortgelijke studies die deze resultaten bevestigden. Tegenwoordig is dit de strategie die conventionele kennis voorschrijft. Volgens veel mensen is het simpelweg een kwestie van het over de streep trekken van de klant. In hun ogen is het feit dat de consument minder uitgeeft de katalysator van de crisis.</p>
<p><strong>Waarom anticyclisch budgetteren?</strong><br />
Hét argument ter verdediging van het anticyclisch budgetteren luidt als volgt: de rest van de bedrijven geeft minder uit aan reclame, hierdoor is de kans groter dat de doelgroep een advertentie te zien krijgt, onthoudt, en uiteindelijk beïnvloedt wordt. Hetzelfde argument geldt min of meer voor het verhogen van het R&amp;D budget. De rest van de bedrijven bezuinigen op R&amp;D, dus dat betekent dat het speelveld minder vol is, waardoor de kans groter is dat een innovatie succesvol is.</p>
<p><strong>Een kritiek (I): onderzoeksmethodes</strong><br />
Wat we goed moeten beseffen is dat <a href="http://www.globaliteit.nl/?p=387" target="_blank">correlatie geen causaliteit impliceert</a>. Het meest beruchte voorbeeld is de correlatie tussen de populatie ooievaars en het aantal geboren kinderen in Noord-Duitsland. We moeten een sterk besef hebben dat in de sociale wetenschappen, waaronder economie, statistiek ons niet kan helpen bij het ontdekken van causaliteit. Bovendien hebben de studies over anticyclisch budgetteren—over het geheel genomen—amper controle variabelen meegenomen in hun analyse. Wat statistische studies in de sociale wetenschappen verder belemmert is het feit dat onze complexe wereld bestaat uit alleen maar variabelen, daar er geen constante factoren zijn in het van menselijk handelen.</p>
<p>Dit is, naar mijn mening, een feit dat genegeerd is in het debat over de voordelen van anticyclisch budgeteren. Deze onderzoekers zijn niet in staat om de causaliteit die hun stelling impliceert te bewijzen. Daar het om een correlerend verband gaat, kunnen we net zo goed de stelling omdraaien. Misschien verhogen &#8220;betere bedrijven&#8221; wel hun marketingbudgetten, puur en alleen omdat ze beter waren en simpelweg in staat waren om hun budget te verhogen. Kortom, misschien maakt het anticyclisch budgeten een bedrijf niet &#8220;beter&#8221;—uit het oogpunt van financieel succes c.q. winst—maar zijn het de &#8220;betere bedrijven&#8221; die juist in staat zijn om anticyclisch te budgetteren.</p>
<p>De studies zijn echter stellig: bedrijven moeten hun investeringen in marketing opschroeven tijdens een recessie. Hun stelligheid is ongegrond daar de statistische hulpmiddelen die men gebruikt nooit causaliteit kan aantonen. Hun conclusies zijn vooralsnog allesbehalve wetenschappelijk en niets meer dan speculatie.</p>
<p><strong>Een kritiek (II): Assumpties</strong><br />
Als de assumptie is dat adverteren effectiever is wanneer er over de hele linie minder geadverteerd wordt, veronderstellen we impliciet een andere assumptie: het feit dat adverteren überhaupt effectief is. Hiermee stel ik niet dat adverteren altijd ineffectief is. Wat ik zeg is dat adverteren effectief <em>kan</em> zijn, met name in de verkoop van producten die voor een groter deel door emotie gedreven worden.</p>
<p>De bedrijven in een economie beslaan echter voor het overgrote deel (50% van het BBP) intermediaire goederen c.q. B2B-markten. Is het effect van reclame, gegeven de veel complexere decision making units, in B2B-markten even hoog als in B2C-markten? Dit idee druist tegen mijn intuïtie—en de mening van vele andere marketeers—in. Het is een feit dat tijdens recessies juist de B2B-bedrijven zwaarder getroffen worden. Het lijkt daarom onwaarschijnlijk dat het verhogen van het reclamebudget tijdens een crisis tot wonderen kan leiden.</p>
<p>Gelijkerwijs is er nooit aangetoond dat het succes van een innovatie afhangt van het totaal aantal innovaties wat op de markt wordt gebracht. Sterker nog, succesvolle innovaties zijn vaak geïntroduceerd tijdens de &#8220;hoogtijdagen&#8221;, niet tijdens een recessie, maar ten tijde van een stortvloed aan innovaties. Bovendien is het hoogst twijfelachtig of de hoogte van het R&amp;D budget wel de belangrijkste factor is in het succesvol innoveren.</p>
<p>Het idee van anticyclisch budgeteren stuit mij tegen de borst. Het neigt sterk naar een magisch pilletje wat u belooft te genezen van al uw kwalen. Is er een recessie en gaat het slecht met de firma? Verhoog de uitgaven in marketing. Het herzien van uw projecten en het beëindigen van geldverspillende activiteiten lijkt mij een stuk gezonder, hoewel dat een pijnlijk proces is.</p>
<p><strong>De voorlopige genadeslag</strong><br />
Ik voerde eenzelfde soort statistische test uit als voorgaande studies. Ik bekeek het effect van veranderingen in het R&amp;D budget en reclamebudget op de winstgevendheid van bedrijven voor, tijdens, en na recessies. In tegenstelling tot voorgaande studies nam ik echter een belangrijke controle variabele mee: of het desbetreffende bedrijf een concurrentievoordeel bezit ja of nee.</p>
<p>De resultaten waren kristalhelder. De aanwezigheid van een concurrentievoordeel was veruit het meest gerelateerd met de winstgevendheid van het bedrijf, zowel voor, tijdens, als na een recessie. Daarentegen verdween het verband tussen veranderingen in het marketingbudget en de winstgevendheid van een bedrijf als de sneeuw voor de zon. Wel bleek dat er in sommige gevallen een verband bestond tussen bedrijven met een concurrentievoordeel, hun winstgevendheid, en veranderingen in het marketingbudget. Herinnert u zich dat ik redeneerde dat bedrijven met een concurrentievoordeel weleens precies vanwege dit voordeel in staat waren om hun marketingbudget te verhogen? Kortom, mijn thesis werd zo goed als bevestigd.</p>
<p><strong>Hoe recessies ontstaan</strong><br />
Ik doe eerst wat elke soortgelijke marketingstudie over het managen van recessies gefaald heeft te doen: aantonen waarom recessies überhaupt ontstaan.</p>
<p>Een kunstmatige vergroting van het krediet door het bankensysteem, gedirigeerd door een centrale bank, leidt tot een verstoring van de productiestructuur. Middelen, waaronder arbeid, worden verkeerd gealloceerd in de economie; ze worden in de verkeerde projecten gestopt.</p>
<p>Door meer krediet uit te geven wordt immers niet de hoeveelheid middelen beschikbaar voor een uitbreiding van de productie vergroot. Deze middelen komen voort uit daadwerkelijke besparingen, i.e., het uitstellen van consumptie door individuen, niet uit de opwellingen van een (centrale) bank.</p>
<p>Belangrijk is dat een kredietexpansie leidt tot een lagere rente en derhalve tot de onderneming van projecten die gericht zijn op een langere termijn dan anderzijds het geval zou zijn. Immers, hoe lager de rente, hoe rendabeler langetermijnprojecten worden. Hoe hoger de rente, hoe interessanter kortetermijnprojecten zijn, uiteraard relatief tot langetermijnprojecten. Iedere belegger begrijpt dat de (huidige) waarde van een investering bepaalt wordt door de—gedisconteerde—toekomstige baten van de investering en daarom sterk afhangt van de marktrente. In andere woorden, de rente dirigeert de productie van goederen over tijd.</p>
<p>Het ironische is dat wanneer de rente kunstmatig verlaagd wordt door een expansie van het krediet, mensen juist minder beginnen te sparen en meer te consumeren: een relatieve overconsumptie resulteert.</p>
<p>Het belangrijkste (economische) aandachtspunt is dat geld <em>niet</em> &#8220;neutraal&#8221; is. De eersten die het nieuwe geld ontvangen bieden prijzen op in bepaalde delen van de economie en profiteren hiermee van het nieuwe geld. Het probleem is dat in dit geval het nieuwe geld als krediet wordt uitgeleend aan ondernemers. Dit nieuwe krediet resulteert in eerste instantie in hogere prijzen in bepaalde industrieën en noodzakelijkerwijs (tijdelijk) tot hogere monetaire winsten, waardoor met een verdere kredietexpansie een zeepbel ontstaat: sommige industriëen breiden &#8220;onterecht&#8221; uit. Hoe langer de kredietexpansie voortduurt, hoe groter de verstoringen en hoe groter een zeepbel kan groeien.</p>
<p><strong>Mijn alternatief</strong><br />
Op basis van deze kennis over de oorzaken van recessies—een fenomeen wat de wereld al bijna twee eeuwen teistert—kunnen we naar een alternatief werken. We weten dat tijdens de periode van <em>irrational exuberance</em> voorafgaand aan de recessie er teveel langetermijnprojecten ondernomen worden die niet gebaseerd zijn op de daadwerkelijke besparingen—het uitstel van consumptie—door individuen. Uit de praktijk blijkt inderdaad dat er tijdens de (piek van een) periode van kunstmatige hoogconjuctuur er meer radicale innovaties worden ondernomen dan anders. Aan de andere kant observeren we dat er ten tijde van recessie er veel incrementele innovaties geïntroduceerd worden.</p>
<p>Mijn alternatief voor anticyclisch budgetteren is vooralsnog gericht op consumentengoederen. Ik herleid en onderbouw in mijn studie dat het juist gerechtvaardigd is voor bedrijven om zich te richten op incrementele productinnovatie tijdens de periode van hoogconjuctuur en op radicale productinnovatie tijdens een recessie en na een recessie. Tijdens de periode van hoogconjuctuur staat kwantiteit centraal, terwijl in periodes van recessie kwaliteit centraal staat.</p>
<p>Uit een analyse van bijna 6000 bedrijven blijkt inderdaad dat een dergelijke strategie winstgevend is. De bedrijven die deze strategie volgden waren gemiddeld winstgevender dan hun tegenhangers.</p>
<p><strong>Conclusie</strong><br />
Het anticyclisch marketingbudget is grotendeels gebaseerd op een statistisch artefact en met name op een mythe. Een bedrijf doet er beter aan om zich te richten op dat wat telt: het hebben, verzorgen, en ontplooien van een duurzaam concurrentievoordeel.</p>
<p>Ik toon aan dat door te begrijpen hoe recessies ontstaan er wel degelijk rekening gehouden kan worden met de economische cyclus in het bepalen van een bedrijfs- of marketingstrategie. In dit geval beargumenteer ik en toon ik aan dat bedrijven in consumentengoederen er goed aan doen om zich tijdens de periode van hoogconjuctuur zich te concentreren op incrementele productinnovatie, en tijdens en na een recessie zich te concentreren op radicale productinnovatie.</p>
<p>Ter illustratie, Blackberry zou er waarschijnlijk goed aan doen om hun scala aan mobiele telefoons incrementeel te innoveren tijdens een periode van hoogconjuctuur—e.g., door features te upgraden en te verbeteren—en hun focus te verplaatsen naar radicale productinnovatie—e.g., het ontdekken en herformuleren van het concept van &#8220;de mobiele telefoon&#8221;—tijdens een recessie, een periode waarin we ons nu bevinden.</p>
<p>Natuurlijk is dit enkel een begin. Het toepassen van deze theorie biedt oneindig veel mogelijkheden om u—als marketeer, ondernemer, of bestuurder—op een effectieve wijze te helpen uw bedrijfsstrategie aan te passen aan de grillen van de conjuctuurcyclus. Zoals mijn hoogleraar Huerta de Soto zegt: &#8220;<em>There is nothing more practical than a good theory</em>.&#8221;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1256</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>In verdediging van de telecomsector</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1446</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1446#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 31 Dec 2011 18:39:04 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Economie]]></category>
		<category><![CDATA[datanetwerk]]></category>
		<category><![CDATA[dataverkeer]]></category>
		<category><![CDATA[interventionisme]]></category>
		<category><![CDATA[kartel]]></category>
		<category><![CDATA[mededinging]]></category>
		<category><![CDATA[mobiele telefonie]]></category>
		<category><![CDATA[netwerkcapaciteit]]></category>
		<category><![CDATA[NMa]]></category>
		<category><![CDATA[telecomindustrie]]></category>
		<category><![CDATA[telecommarkt]]></category>
		<category><![CDATA[winst]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1446</guid>
		<description><![CDATA[Het zal mijn populariteit niet ten goede komen, maar ik spring graag in de bres voor de telecomsector. Jarenlang worden telecomproviders al zwart gemaakt en politiek onder druk gezet. Dieven zijn het. Ze maken enorme winsten over de rug van de arme burger. En nu maken ze ook nog prijsafspraken. Enorme winsten? Men spreekt over [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/sms_telefoon_mobiel_214857a1.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-1448" src="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/sms_telefoon_mobiel_214857a1-300x200.jpg" alt="" width="210" height="140" /></a>Het zal mijn populariteit niet ten goede komen, maar ik spring <a href="http://www.globaliteit.nl/?p=523" target="_blank">graag in de bres voor de telecomsector</a>. Jarenlang worden telecomproviders al zwart gemaakt en politiek onder druk gezet. Dieven zijn het. Ze maken enorme winsten over de rug van de arme burger. En nu maken ze ook nog prijsafspraken.<span id="more-1446"></span></p>
<p><strong>Enorme winsten?</strong><br />
Men spreekt over het feit dat <a href="http://www.nu.nl/economie/2486417/cda-europa-laakt-hoge-winsten-mobiel-bellen.html" target="_blank">telecomproviders winstmarges hebben van honderden procenten</a>. Als iemand mij vertelt welke telecomprovider dat precies is, dan zet ik graag al mijn vermogen om in het aandeel van het desbetreffende bedrijf. Wie wil er nou niet een rendement van &#8220;honderden procenten&#8221;? Helaas, zoals alles in het leven, lijkt ook dit te mooi om waar te zijn. Sterker nog, niets kan verder van de waarheid liggen. Menig Nederlander gaat echter gebukt onder een gebrek aan kritisch denkvermogen en zoekt enkel naar bevestiging van een anti-kapitalistisch wereldbeeld.</p>
<p>In realiteit ligt de brutowinstmarge van de telecombedrijven in Nederland rond de 70%. Dit is alleszins redelijk als we deze tegenover bedrijven actief in de kledingproductie stellen. Daar liggen de brutowinstmarges rond de 55%. In de reclamebranche en de horeca liggen de gemiddelde brutowinstmarges structureel hoger dan 70%.</p>
<p>Maar het grote probleem ligt hem in het feit dat een brutowinstmarge geen rekening houdt met de bezittingen—de &#8220;assets&#8221;—die nodig waren om het inkomen te produceren. Beleggers gebruiken daarom liever het Return on Assets (ROA) om de winstgevendheid van een bedrijf te schatten. Als we, ter illustratie, het ROA van Vodafone bekijken, wordt onze conclusie nog verder ondersteund. Het ROA van Vodafone was afgelopen jaar 5,6%. Het ROA van Deutsche Telekom (het moederbedrijf van T-Mobile) was 3.5%. Ter vergelijking; Coca Cola heeft een ROA van 16% en Apple behaalde afgelopen jaar een ROA van 27%. Vodafone&#8217;s en T-Mobile&#8217;s winstgevendheid is mager vergeleken met andere bedrijven.</p>
<p>Het idee dat Nederlandse telecombedrijven enorme winsten maken is nergens op gebaseerd. Enkel politieke propaganda leidt ertoe dat de bevolking de telecomproviders—juist zij die diensten mogelijk maken die tien jaar geleden onvoorstelbaar leken—moreel veroordelen.</p>
<p><strong>De &#8220;klokkenluider&#8221; als sluitend bewijs?</strong><br />
Recent kwam naar buiten dat een &#8220;klokkenluider&#8221; meerdere telecomproviders beschuldigd had van prijsafspraken. Hierop volgde een inval van het NMa op de kantoren van de desbetreffende dienstverleners.</p>
<p>Eén van de klokkenluiders is vermeend directielid en vertelt: &#8220;<em>In genoemde functie heb ik prijsafspraken tussen de telecomaanbieders KPN, Vodafone, en T-Mobile waargenomen</em>”, aldus de voormalig directeur. “<em>Er zijn maar weinig mensen die bekend zijn met de details van de prijsafspraken (&#8230;). Ik heb met meerdere van hen direct samengewerkt</em>.&#8221;</p>
<p>We moeten ten eerste vaststellen dat het huidige mededingsbeleid een enorm incentive biedt om de concurrentie te beschuldigen van oneerlijke concurrentie. Het is namelijk zo dat de &#8220;klokkenluider&#8221; (en het desbetreffende bedrijf) gevrijwaard wordt van enige straf, terwijl de beschuldigden een boete incasseren. Geschiedenis leert ons dat mededingingswetten veelvuldig misbruikt zijn door minder efficiënte concurrenten om de beter presterende concurrenten om de oren te slaan. Het zal mij daarom niks verbazen wanneer blijkt dat de klokkenluiders van T-Mobile afkomstig zijn.</p>
<p>Bovendien, als de NMa echt het beste voor had met de consument, dan zou het de geincasseerde boetes terugvorderen aan de benadeelde consument. Al moet men dan direct toegeven dat het niet aantoonbaar is wie er precies schade heeft geleden en óf er überhaupt iemand schade heeft geleden.</p>
<p>Natuurlijk sluit ik niet uit dat er communicatie onderling is geweest over prijzen. Dat zou best waar kunnen zijn. Maar daar dient onze analyse niet te stoppen. Het feit dat twee bedrijven communiceren over de prijzen die zij (menen te gaan) rekenen, houdt niet in dat er daadwerkelijk iemand benadeeld is, i.e., dat er sprake is van een monopolieprijs in plaats van een competitieve prijs.</p>
<p><strong>Is er sprake van monopolieprijzen?</strong><br />
Het is zonder meer waar dat een telecomprovider een bepaalde netwerkcapaciteit heeft (in dit geval van het dataverkeer). Idem is het zonder meer waar dat men de netwerkcapaciteit kan uitbreiden door kapitaalinvesteringen in het netwerk te doen.</p>
<p>Kan een telecomprovider daarom zonder probleem zomaar de prijzen van mobiel internet verhogen? Iedereen weet dat een hogere prijs, <em>ceteris paribus</em>, leidt tot minder vraag. Het antwoord is dus nee. Het kan zijn dat, ondanks dat men een hogere prijs ontvangt, de totale opbrengsten dalen. Dit is een factor waarop telecomproviders, zelfs in het hypothesische geval van een succesvol kartel, geen invloed hebben. Een telecomprovider probeert altijd een prijs te vinden die vraag en aanbod (de netwerkcapaciteit) in balans brengt. De prijs in de telecommarkt is altijd een competitieve prijs.</p>
<p>Een absolute voorwaarde voor het ontstaan van monopolieprijzen is het feit dat de monopolist (of een kartel) zich in een positie bevindt om het totale marktaanbod van een goed te beperken. Dit is pertinent onmogelijk in de telecommarkt. Men dient de netwerken—waarin miljarden zijn geïnvesteerd—tot het maximum te gebruiken. Elk jaar dreigt het netwerk verouderd te raken door de enorme snelheid van technologische ontwikkeling. Men kan het zich nooit vooroorloven om het aanbod kunstmatig te beperken. In dit opzicht is de telecommarkt onderhevig aan moordende concurrentie. Wanneer een aanbieder slechts 40% van zijn netwerkcapaciteit benut krijgt, hoop ik als belegger van harte dat de directie spontaan in paniek raakt.</p>
<p>Een karakteristiek van een competitieve prijs is dat het hele aanbod verkocht wordt, en dat als gevolg de specifieke factoren van productie (bijvoorbeeld het datanetwerk) dusdanig gebruikt worden als wordt toegelaten door de prijzen van de niet-specifieke, complementaire factoren (bijvoorbeeld arbeid). Dit is het geval in de Nederlandse telecommarkt.</p>
<p>Een andere voorwaarde is dat de monopolist niet in staat moet zijn om te discrimineren onder de klanten aan wie hij verkoopt. Telecomproviders konden echter prima discrimineren op prijs. De grootgebruiker betaalt meer en de kleingebruiker betaalt minder. Degene die via Skype belt betaalt wat meer, en degene die geen gebruik maakt van Skype minder. Tegelijkertijd dient de provider met prijsdiscriminatie altijd zoveel mogelijk rekening te houden met alle klanten om zoveel mogelijk winst te maken. Een provider dient de capaciteit van zijn netwerk zo goed mogelijk in te zetten om aan de wensen van de consument te voldoen. Helaas greep het kabinet &#8220;in&#8221; en legde het netneutraliteit vast in de Telecomwet. <a href="http://www.nu.nl/internet/2583056/vvd-verwijt-pvda-prijsstijging-mobiel-internet.html" target="_blank">Afke Schaart van de VVD stelt</a> terecht dat hierdoor de prijs van mobiel internet voor iedereen omhoog is gegaan.</p>
<p>Dit is echter niet voldoende voor een monopolieprijs omdat de andere twee voorwaarden niet vervuld zijn: (1) een telecomprovider kan niet de prijs verhogen zonder dat aansluitend de vraag daalt; en (2) een telecomprovider (of een kartel van telecomproviders) is niet in staat om het totale marktaanbod te beperken onder het niveau van het &#8220;competitieve aanbod&#8221; dat in een competitieve situatie zou bestaan.</p>
<p><strong>De instabiliteit van een kartel</strong><br />
Zelfs als we veronderstellen dat er in de telecommarkt sprake zou zijn van monopolieprijzen, dan zitten we nog met een belangrijk probleem: de inherente instabiliteit van een kartel.</p>
<p>Bedrijven actief in dezelfde markt zouden een kartel kunnen vormen. Dit verwijdert echter niet het eigen belang van een bedrijf, i.e., het incentive om zoveel mogelijk winst te maken. Elke deelnemer in een kartel wil uiteindelijk meer klanten, meer omzet, en meer winst.</p>
<p>In de telecommarkt zouden bepaalde providers bijvoorbeeld langdurige kortingen kunnen geven. Of bepaalde providers zouden hogere toestelkortingen kunnen bieden. Of men zou prijzen kunnen verlagen zonder het medeweten van de andere providers in het kartel. Wanneer dit gebeurt is het een kwestie van tijd voordat een kartel opbreekt. Er bestaat een enorme stimulans om &#8220;vals te spelen&#8221; en de regels van het kartel aan hun laars te lappen.</p>
<p>De geschiedenis leert ons dat geen één kartel het heeft overleefd, noch langdurige invloed heeft kunnen uitoefenen op een markt. Er hangt desondanks een mysterieus aura rond het idee van economische kartelen.</p>
<p><strong>Altijd schuldig!</strong><br />
In het huidige mededingingsbeleid is een bedrijf achteraf altijd schuldig. Wanneer het prijzen verhoogt, rekent het zogenaamde &#8220;monopolieprijzen&#8221;. Wanneer het prijzen verlaagt, probeert het met afbraakprijzen de markt te ondermijnen. Wanneer het dezelfde prijzen hanteert als concurrenten, dan is men schuldig aan samenzwering.</p>
<p>Kortom, onder de huidige mededingingswetten zijn bedrijven altijd schuldig. Wat overblijft is een arbitrair waardeoordeel van enkele bureaucraten die enerzijds uitgaan van een statische &#8220;ideaalsituatie&#8221; van concurrentie volgens een mathematisch model—wat ironischerwijs gelijk staat aan een totaal gebrek aan concurrentie—en, anderzijds, nietszeggende getuigenverklaringen.</p>
<p><strong>Kunnen we meer concurrentie gebruiken?</strong><br />
Absoluut. De overheid dient de entree tot de telecommarkt niet te belemmeren door een beperkt aantal frequenties te veilen. Mobiele frequenties dienen vrijgegeven te worden. Er is geen enkele reden om te denken dat dit het &#8220;bezit&#8221; van een overheid is. Deze verandering in beleid zou leiden tot lagere prijzen voor de consument. Als gevolg kan de telecommarkt in Nederland competitiever worden en kunnen nieuwe innovaties eerder geïntroduceerd worden. Als de overheid echt het beste met de consument voorhad, dan zou het deze barrierés verwijderen.</p>
<p>Tevens dient men de wet op netneutraliteit te vernietigen. <a href="http://www.globaliteit.nl/?p=730" target="_blank">Ik heb eerdere stevige kritiek geuit op netneutraliteit</a>. Netneutraliteit is een minachting van de realiteit in onze wereld; een wereld die gekenmerkt wordt door schaarste.</p>
<p><strong>Conclusie</strong><br />
Het kan zijn dat er communicatie over prijzen heeft plaatsgevonden tussen telecomproviders. Dit betekent niet dat men competitieve prijzen kan vervangen door monopolieprijzen.</p>
<p>Het feit dat er in een markt maar een paar of één aanbieder bestaat, betekent niet dat er sprake is van een overtreding van de soevereiniteit of de hegemonie van de markt. Noch betekent het dat er sprake is van monopolieprijzen. Een schrijver van een boek waarop een copyright berust is een monopolist maar zou kunnen falen om ook maar een enkel exemplaar te verkopen onder elke denkbare prijs.</p>
<p>De huidige trend naar de regulering en morele verwerping van telecomproviders zal op lange termijn alleen maar negatieve consequenties hebben: minder investeringen en een lagere kwaliteit in nieuwe netwerken dan anderzijds het geval zou zijn. Een dergelijke anti-kapitalistische mentaliteit kan enkel leiden tot de verpaupering van een markteconomie en de ontwikkeling van een toenemend totalitarisme.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1446</wfw:commentRss>
		<slash:comments>6</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Kapitaalvlucht uit PIGS kan uitlopen op catastrofe</title>
		<link>http://www.globaliteit.nl/?p=1428</link>
		<comments>http://www.globaliteit.nl/?p=1428#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 17 Dec 2011 05:12:21 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Olav</dc:creator>
				<category><![CDATA[Economie]]></category>
		<category><![CDATA[banken]]></category>
		<category><![CDATA[bankencrisis]]></category>
		<category><![CDATA[bankrun]]></category>
		<category><![CDATA[EU]]></category>
		<category><![CDATA[euro]]></category>
		<category><![CDATA[Europa]]></category>
		<category><![CDATA[faillissementen]]></category>
		<category><![CDATA[fractioneel reserve bankieren]]></category>
		<category><![CDATA[herkapitalisatie]]></category>
		<category><![CDATA[insolventie]]></category>
		<category><![CDATA[kapitaalvlucht]]></category>
		<category><![CDATA[leverage]]></category>
		<category><![CDATA[nationalisme]]></category>
		<category><![CDATA[schuldencrisis]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.globaliteit.nl/?p=1428</guid>
		<description><![CDATA[De huidige kapitaalvlucht uit de PIGS-landen neemt in een angstaanjagend tempo toe. Wanneer de reeds fragiele banken in de PIGS-landen komen te lijden onder een steeds grotere uitstroom van kapitaal, is een doemscenario bijna onvermijdelijk. Deposito&#8217;s verlaten de perifere landen met een snelheid van meer dan 20% per jaar. Europa is het eerste continent waar [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-medium wp-image-1438" src="http://www.globaliteit.nl/wp-content/uploads/bankrunnorthrock1-300x224.gif" alt="" width="175" height="131" />De huidige kapitaalvlucht uit de PIGS-landen neemt in een angstaanjagend tempo toe. Wanneer de reeds fragiele banken in de PIGS-landen komen te lijden onder een steeds grotere uitstroom van kapitaal, is een doemscenario bijna onvermijdelijk. Deposito&#8217;s verlaten de perifere landen met een snelheid van meer dan 20% per jaar. Europa is het eerste continent waar de obligatiezeepbel knapt en landen failliet zullen gaan. Europa is niet het laatste continent.<span id="more-1428"></span></p>
<p>De toenemende speculatie over een terugkeer naar de nationale munt voedt deze uitstroom. Mensen zijn zich er van bewust dat een terugkeer naar de nationale munt betekent dat hun spaargeld in één klap een groot deel van zijn koopkracht verliest. Hoe groter deze onzekerheid wordt, hoe sneller de uitstroom van kapitaal gaat. Ik schat de kans hoog in dat volgend jaar Zuid-Europeanen in de wachtrij staan bij banken om hun geld op te nemen. Dit is een voorteken van het absolute einde van de euro en het begin van een reeks aan faillissementen.</p>
<p>Deze uitvlucht van kapitaal vindt zijn wegen naar nieuwe rekeningen in andere landen, zoals Zwitserland en Scandinavië. En waarom niet? Met de vrijheid om kapitaal over Europese grenzen te nemen is het wat mij betreft ontzettend roekeloos om je geld niet veilig te stellen. Als ik een Spanjaard, Griek of Italiaan zou zijn dan had ik al veel eerder mijn geld uit het lokale bankenstelsel gehaald en het hebben gebracht naar een bank in een stabieler land.</p>
<p>Critici zeggen dat dit voorkomen kan worden door <em>ipso facto</em> terug te gaan naar de nationale munt. Dat is een chique manier om te zeggen dat er geen run op de bank plaatsvindt wanneer men van de ene op de andere dag deze verandering doorvoert. Dit is verkeerd. Wanneer Griekenland morgen terug gaat naar de drachma zullen rekeninghouders een verdere devaluatie vrezen en alsnog hun geld in veiligheid willen stellen. Het effect is dus hetzelfde. De gevolgen kunnen zelfs gevaarlijker zijn, omdat men niet euro&#8217;s uit de bank haalt maar drachma&#8217;s en men deze zo snel mogelijk wil inruilen voor goederen of andere valuta. In deze situatie kan een bank run op drachma&#8217;s resulteren in een hyperinflatie. Wat geldt voor drachma&#8217;s geldt ook voor pesetas.</p>
<p>Mijn hoogleraar, <a href="http://www.bol.com/nl/p/nederlandse-boeken/geld-krediet-en-crisis-druk-1/1001004010680278/index.html" target="_blank">Jesús Huerta de Soto</a>, meent dat de Verenigde Staten in slechtere vorm verkeert dan veel van haar Europese lotgenoten. Ik denk dat hij een belangrijke factor mist. De Europese banken zijn hevig ondergekapitaliseerd. In veel grotere mate dan Amerikaanse banken. Europese banken zijn tot drie keer zo erg &#8220;geleveraged&#8221;, i.e., Amerikaanse banken hebben drie keer zoveel vermogen, of kapitaal, als Europese banken.</p>
<p>Het kapitaal van een bank is simpelweg haar bezittingen minus de schulden. Banken dienen een bepaalde buffer (het kapitaal) te hebben om niet insolvent te raken. Maar wanneer bezittingen afgewaardeerd worden, daalt het kapitaal van een bank en kunnen de schulden de bezittingen overtreffen. In dat geval is een bank insolvent. Wanneer een bank hevig &#8220;geleveraged&#8221; is, dan kan een kleine verandering in de waarde van een bank&#8217;s bezittingen een aardverschuiving tot gevolg hebben. Het zal mij daarom niks verbazen wanneer een bank zoals SNS Reaal de komende jaren opnieuw een urgente kapitaalinjectie nodig zal hebben.</p>
<p>Dit is vergelijkbaar met een belegger die met 1,000 EUR voor 10,000 EUR aan aandelen koopt. Als deze aandelen 1% van hun waarde verliezen, verliest de belegger niet 1% maar 10% op zijn inleg. Dit is het effect van &#8220;leverage&#8221; en is inherent aan het fractioneel reserve bankieren.</p>
<p>Van de twee rottende lijken is de Amerikaanse vooralsnog in een minder verre staat van ontbinding.</p>
<p>Spanje lijkt het relatief slechtst af te zijn vanwege de enorme vastgoedzeepbel die in Spanje is gebarsten. Bezittingen op bankbalansen zijn mondjesmaat afgewaardeerd en reflecteren bij lange na niet de marktwaarde van de daadwerkelijke bezittingen. Het is geschat dat Spaanse banken een kapitaalinjectie van bijna 70 miljard EUR nodig hebben. Met de precaire fiscale toestand van de Spaanse overheid is dit zo goed als onmogelijk.</p>
<p>Als toevoeging schreef ik recent dat: &#8220;<em>Het enige wat de Griekse overheid in dit scenario kan doen is precies wat Argentinië eerder deed in 2001: de banken sluiten</em>.&#8221; Dit inzicht geldt ook voor landen als Spanje. Helaas is inmiddels <a href="http://www.intereconomia.com/noticias-gaceta/economia/siete-diez-espanoles-cree-que-euro-sido-malo-para-espana-20111216" target="_blank">7 op de 10 Spanjaarden tegen de euro</a>. Ik heb weinig reden om optimistisch te zijn. Europese landen zullen opnieuw neigen naar nationalisme wat tot enorme conflicten kan leiden.</p>
<p>Ik vrees met grote vrezen dat 2012 een &#8220;memorabel&#8221; jaar gaat worden voor Europa. We dienen ons voor te bereiden op een Europees faillissement.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.globaliteit.nl/?feed=rss2&#038;p=1428</wfw:commentRss>
		<slash:comments>8</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
